Ambacht
onzijdig (het)/ˈɑmbɑxt/
Wat is de betekenis van Ambacht?
Ambacht betekent: een handwerkvak dat vaak aanzienlijke vaardigheden vereist
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een handwerkvak dat vaak aanzienlijke vaardigheden vereist
- (verouderd) (geschiedenis) het grondgebied of de landstreek, waarover de jurisdictie van een z.g. ambachtsheer zich uitstrekt (vnl in Holland, Zeeland of Vlaanderen) (b.v. Hendrik-Ido-Ambacht)
Voorbeelden van "Ambacht" in een zin
- De timmerman beheerste het ambacht tot in de puntjes.
- Er was bovendien nul aandacht voor het ambacht van het schilderen en het beeldhouwen zelf.
- ' In tegenstelling tot Frederik had Linda er nooit aan getwijfeld dat wat ze deed een heus ambacht was.
Etymologie
*Van Oudnederlands: ambehte, op zijn beurt een Keltisch leenwoord
Vertalingen
Engelshandicraft, trade
Fransmétier
Spaansoficio, señorío
Italiaansmestiere
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek