Danish blue

mannelijk (de)/dɛnɪʃ'blu/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. voeding (voeding) zachte, blauwgeaderde schimmelkaas, oorspronkelijk uit Denemarken. De bereidingswijze lijkt sterk op die van roquefort, met dat verschil dat voor Danish blue koemelk wordt gebruikt en voor roquefort schapenmelk

Etymologie

* , (coll)