Dwars

/dʋɑrs/

Wat is de betekenis van Dwars?

Dwars betekent: in de breedterichting

Betekenis

bijvoeglijk naamwoord
  1. in de breedterichting
  2. woorden met boekreferenties geneigd medewerking te weigeren
  3. woorden met boekreferenties ergens helemaal doorheen dus ook door het midden
bijwoord
  1. in de breedterichting
  2. ~ liggen: niet meewerken, tegenstand bieden
  3. iemand iets ~ zitten: een wrok koesteren over iets

Voorbeelden van "Dwars" in een zin

  • Schouderbinnenwaarts is dus eigenlijk iets dwarser dan schoudervoor.
  • In maanden die volgden werd Daantje steeds dwarser en dwarser.
  • We lopen al lang niet meer over een pad, maar dwars over een akker heen, de ruïne steeds verder achter ons latend.
  • Waarom ging ik zes maanden op de Pacific Crest Trail (PCT) dwars door Amerika lopen?
  • Dwars door de sloot lag een omgevallen knotwilg.

Etymologie

In de betekenis van ‘scheef, weerbarstig’ voor het eerst aangetroffen in 1265

Vertalingen

Duitsquer
Engelstransverse, abeam
Franstransversal
Spaansde soslayo, transverso, trasversal, al soslayo