Gooi
mannelijk/vrouwelijk (de)/ɣoj/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- handeling van het werpen of iets wat geworpen wordt
Etymologie
*: terug afgeleid van "gooien"
Uitdrukkingen
- een gooi doen naar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
*: terug afgeleid van "gooien"