Gotisch
onzijdig (het)ˈɣotis
Wat is de betekenis van Gotisch?
Gotisch betekent: de uit de oostelijke tak van de Germaanse talen stammende en uitgestorven taal der Goten uit de eerste eeuwen van de jaartelling, vooral bekend van de bijbelvertaling van Ulfilas
Betekenis
eigennaam
- de uit de oostelijke tak van de Germaanse talen stammende en uitgestorven taal der Goten uit de eerste eeuwen van de jaartelling, vooral bekend van de bijbelvertaling van Ulfilas
bijvoeglijk naamwoord
- betrekking hebbend op het Gotisch
bijvoeglijk naamwoord
- met betrekking tot de gotiek een bouwstijl die o.a. gekenmerkt wordt door hoge ramen
- hoekig, opgesierd.
Voorbeelden van "Gotisch" in een zin
- Die gotische kerk staat op de Werelderfgoedlijst.
- Eenmaal veilig in de kerk ging ik onder een hoog gotisch raam zitten en volgde ik, met een gladde steen in mijn hand, de dans van de levendige stofdeeltjes in het flakkerende zonlicht.
- Het gotische geschrift kon niet goed vertaald worden.
Etymologie
afgeleid van Goot met het achtervoegsel -isch
Vertalingen
DuitsGotisch
DeensGotisk
EngelsGothic
Fransgothique
zuisiGothi
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek