Jaap

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. lelijke wond, diepe snee
    Hij had een flinke jaap boven het oog.

Etymologie

* In de betekenis van ‘diepe snijwond’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1612

Vertalingen

Engelscut, gash
Fransbalafre