Kaal
mannelijk/vrouwelijk (de)/kal/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- joodse gemeente
- gemeenschap, publiek
Etymologie
|auteur = Heleen D'Haens |titel = Hennepverbod Italië wekt verbazing: 'net zo gevaarlijk als een kerstomaatje' |url = https://nos.nl/artikel/2563508-hennepverbod-italie-wekt-verbazing-net-zo-gevaarlijk-als-een-kerstomaatje|uitgever = NOS|bezochtdatum =2025-04-13|citaat = Nu ziet het er kaal uit. Maar de afgelopen zomers stonden hier zeker tienduizend planten. Ondernemer Mattia Cusani kijkt uit over de beboste heuvels van San Giovanni in Fiore, een dorp in het binnenland van Calabrië. Cusani's geboorteregio loopt al decennialang leeg: gebrek aan economische groei, weinig kansen voor jongeren. En toch is het hem gelukt om hier een succesvol bedrijf op te zetten.
Uitdrukkingen
- Zo kaal als een luis — Geen geld of goederen hebben.
Vertalingen
Engelsbald, kehillah
Franschauve
Duitskahl
Spaanscalvo
Italiaanscalvo
Portugeescalvo
Turkskel
Zweedsskallig
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek