Kloosterpoort
mannelijk/vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- ingang van een kloosterDaar schampte hij weer het kloosterterrein op het centrale plein, waar de groen geverfde ijzeren kloosterpoort op uitkwam.De aanstaande bruid Jetsun Pema liep, voorafgegaan door een processie van boeddhistische monniken met cimbalen, trommels en hoorns, naar het klooster. Baby-olifanten met kleurige versiering keken toe terwijl zij onder de kloosterpoort doorliep. Binnen wachtte de koning haar op, gehuld in een gewaad van goud brokaat met een gele sjerp.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek