Koolmees

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. zangvogels (zangvogels) een geel met zwarte zangvogel
    Koolmezen maken gaten in nesten van eikenprocessierupsen en eten zowel jonge als oude exemplaren, maar hebben bij grote plagen maar een beperkte invloed, constateerden gemeenten die nestkasten hadden laten ophangen

Etymologie

* In de betekenis van ‘zangvogel’ voor het eerst aangetroffen in 1567

Vertalingen

Engelsgreat tit
Fransmésange charbonnière
DuitsKohlmeise
Spaanscarbonero común