Kotter
mannelijk (de)/ˈkɔtər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (scheepvaart) snelle lichte zeilboot met één achteroverhellende mast.
- (visserij) visserijvaartuig voorzien van een motor.
Etymologie
* Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘zeilschip’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1747-1787
Vertalingen
Engelscutter
Franscotre
DuitsKutter
Spaanscúter
Italiaanscutter
Portugeescúter
Arabischزورق شراعي صغير
Poolskuter
Zweedskutter
Deenskutter
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek