Kroon
Wat is de betekenis van Kroon?
Kroon betekent: (hoofddeksel), (adel) hoofddeksel dat door een vorst [1] gedragen wordt
Betekenis
- (hoofddeksel), (adel) hoofddeksel dat door een vorst [1] gedragen wordt
- (figuurlijk), (adel) metafoor voor de “vorst”
- (figuurlijk) iets wat belangrijk of het belangrijkste is, vooral gebruikt in samenstellingen
- (figuurlijk)(tandheelkunde) verwijzing naar de vorm van [1]
- (financieel) benaming voor verschillende munteenheden gebruikt in Denemarken, IJsland, Noorwegen, Tsjechië en Zweden
- (numismatiek) munstuk met de waarde van 1 kroon
- een lichtbron bestaande uit een krans van lichtbronnen
Voorbeelden van "Kroon" in een zin
- De koning droeg zijn kroon.
- Daarvoor is toestemming van de kroon noodzakelijk.
- De kroongetuige bleek niet betrouwbaar te zijn.
- Hij heeft een kroon in zijn gebit.
- Ik heb kiespijn,’ zegt Jan Mulder aan de telefoon. ‘Er is een kroon uitgevallen. Een zenuw is ontstoken, drie kronen moeten worden vervangen en aan de andere kant zit een gaatje, dus eten lukt me alleen nog met de voortanden.’ de Volkskrant Nathalie Huigsloot25 januari 2019 [https://www.volkskrant.nl/mensen/op-bezoek-bij-de-picasso-van-winschoten-soms-twijfel-ik-eraan-of-er-niet-meer-in-had-gezeten-~bfc03c89/ interview Jan Mulder]
Betekenis en uitleg van Kroon
Een kroon is meestal een sierlijk hoofddeksel dat vaak door koningen of koninginnen wordt gedragen, maar het kan ook verwijzen naar iets dat als het hoogste of beste wordt beschouwd. Denk aan de kroon als een symbool van macht, eer en prestige.
Het woord 'kroon' wordt vaak gebruikt in contexten die koninklijke macht of dominantie impliceren, zoals in de uitdrukking 'de kroon op het werk', wat verwijst naar een hoogtepunt of beloning voor inspanningen. Daarnaast kan het ook metaforisch worden gebruikt, bijvoorbeeld in de kunst of sport, waar iets als de 'kroon' van een prestatie wordt gezien. Het gebruik van het woord kan ook variëren afhankelijk van culturele of religieuze contexten.
Voorbeelden
- Na jaren hard werken kreeg ze eindelijk de kroon op haar carrière met die prestigieuze prijs.
- De kroon van de boom was vol met groene bladeren die prachtig leken in de zon.
- In het verhaal droeg de prinses een schitterende kroon die schitterde met diamanten en edelstenen.
Woordoorsprong
Het woord 'kroon' komt van het Latijnse 'corona', wat 'krans' of 'ring' betekent, en verwijst naar de ronde vorm die vaak wordt geassocieerd met de symboliek van overwinning en macht.
Veelgestelde vragen over Kroon
Wat is de betekenis van Kroon?
Kroon betekent: (hoofddeksel), (adel) hoofddeksel dat door een vorst [1] gedragen wordt
Hoeveel betekenissen heeft Kroon?
Kroon heeft 7 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.
Welk woordgeslacht heeft Kroon?
Kroon is een mannelijk/vrouwelijk (de).
Hoe gebruik je Kroon in een zin?
Voorbeeld: “De koning droeg zijn kroon.”
Etymologie
*Van het Latijnse corona.
Uitdrukkingen
- De kroon spannen — Een echte uitblinker zijn, de beste in iets zijn
- De kroon op iets zetten — Iets heel goed afmaken|
- De kroon op het werk — Het hoogtepunt van iets wat zorgvuldig in elkaar is gezet, of van iemands arbeidzame leven
- Naar de kroon steken — Beconcurreren om een overheersende positie
- Onder de kroon staan van — Geregeerd worden door