Kwikstaart
mannelijk (de)/ˈkwɪkstart/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (zangvogels) benaming voor vogels uit de geslachten en , bonte vogels met lange beweeglijke staart uit de familie
Etymologie
*, in de betekenis van ‘zangvogel’ aangetroffen vanaf 1518
Vertalingen
Engelswagtail
Fransbergeronette
DuitsBachstelze
Spaanslavandera, aguzanieves, andaríos
Italiaansballerina
Portugeesalvéola
Russischтрясогузка
Chinees白鶺鸰
Poolspliszka, siwa
Deensvipstjert
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek