Laan
mannelijk/vrouwelijk (de)/lan/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- weg die aan beide kanten wordt geflankeerd door bomen
Etymologie
*Verwant met het Oudfriese lona, Oudnoordse lön, Oudgriekse ελαύνω.
Uitdrukkingen
- Iemand de laan uitsturen. — Iemand van zijn betrekking beroven; ontslaan
- De laan uitgaan — ontslagen worden
Vertalingen
Engelsavenue
Fransallée, avenue
DuitsAllee
Spaansavenida
Italiaansviale
Portugeesavenida
Russischаллея
Zweedsallé
Deensallé
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek