Lupine
mannelijk/vrouwelijk (de)/lyˈpinə/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (bloemplanten) benaming voor planten uit het geslacht uit de vlinderbloemenfamilie met zo'n 200 soorten en vele hybriden en cultivars
- (groente) gele zaden van de plantWe hebben zowel blauwe als gele lupinen in de tuin.
Etymologie
* Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘plantengeslacht’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1514
Vertalingen
Engelslupin, lupin bean
Franslupin
DuitsLupine, Lupinensamen
Spaansaltramuz
Italiaanslupini
Portugeestremoço
Russischлюпин
Chinees羽扇豆
Japansルピナス属
Arabischترمس
Turksacı bakla
Poolsłubin
Zweedslupin
Deenslupin
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek