Mais

mannelijk (de)/mɑjs/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. bloemplanten, graan (bloemplanten), (graan) bepaalde graansoort afkomstig uit Midden-Amerika
  2. voeding (voeding) (gemalen) zaden van de kolven van

Vertalingen

Engelsmaize, corn
Fransmaïs, blé d’Inde
DuitsMais
Spaansmaíz
Italiaansgranturco, granoturco, mais
Portugeesmilho
Russischкукуруза
Chinees玉米
Japansトウモロコシ, 玉蜀黍
Koreaans옥수수
Arabischذرة
Turksmısır
Poolskukurydza, kukurydza zwyczajna
Zweedsmajs
Deensmajs