Rippen

/ˈrɪpə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) met geweld van iets of iemand anders afrukken, aftrekken, afscheuren, afsnijden, afnemen
  2. ov, muziek (ov) (muziek) kopiëren van cd naar computer of andere gegevensdrager

Etymologie

*van "rip" "beroven"