S-bocht
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈɛzbɔxt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- opeenvolgende krommingen naar rechts, naar links en weer naar rechtsDoor de S-bocht kun je de weg hier niet goed overzien.
Etymologie
*, ; in de betekenis van ‘S-vormige bocht’ aangetroffen vanaf 1950
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek