Tachtiger

mannelijk (de)/ˈtɑxtəɣər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. mensen die een leeftijd hebben tussen de 80 en 89 jaar
    De Britse politie heeft een vrouw ontzet die bijna een halve week had vastgezeten in haar badkuip. Een buurvrouw sloeg alarm toen ze besefte dat de tachtiger geruime tijd geen teken van leven had gegeven.de Telegraaf 11 feb. 2018
    De zestiende editie van het Holland Dance Festival, dat officieel op 25 januari in Den Haag begint, heeft deze keer wel iets heel opmerkelijks op het programma: dansende grootmoeders uit Korea. De zestigers, zeventigers en tachtigers bestormen het podium samen met de jongere dansers van de Eun-Me Ahn Company.de Telegraaf 16 jan. 2018
  2. groep schrijvers uit de 19de eeuw
    Interessant blijft de al dikwijls beschreven geschiedenis van Verweys relatie met Willem Kloos. Als 16-jarige hbsér, brandend van literaire ambitie, zocht hij de zes jaar oudere dichter voor het eerst op. In 1885 begon het duo met enkele geestverwanten De Nieuwe Gids, tijdschrift van een beweging die later de Tachtigers zou heten. Verwey nam vrijwel al het redactiewerk op zich.Volkskrant Elma Drayer 13 januari 2018

Etymologie

* afleiding van tachtig

Vertalingen

Engelsoctogenarian
Fransoctogénaire