Trekweg

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een pad langs de kant van een kanaal of vaart waarover eertijds de trekdieren van de trekschuit werden voortgedreven
  2. weg die gebruikt wordt door trekkende dieren

Vertalingen

Engelstowpath, towing path
Franschemin de halage
DuitsTreidelpfad, Treidelweg, Leinpfad
Spaanscamino de sirga