Turfsteker
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- arbeider die turf wint`Nieuwsbode Nije Siel,'riep Imke standaard bij binnenkomst, en die kreet bracht al een glimlach om Catharina's mond. 'De oudste van Tjallinga heeft verkering met een turfsteker en Hitler en Mussolini hebben samen de Mount Everest beklommen.'Schelvis werd overgebracht naar een kamp waar hij als turfsteker moest werken.
Etymologie
* van turfsteken
Vertalingen
Engelspeat-cutter
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek