Venkel

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. bloemplanten (bloemplanten) benaming voor planten uit het geslacht uit de schermbloemenfamilie
  2. pregnant (pregnant) plant
  3. groente (groente) knol of bladeren van de , een naar anijs smakende groente
  4. specerij (specerij) (gedroogd) zaad van

Etymologie

* Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘plant’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1225

Vertalingen

Engelsfennel
Fransfenouil commun, fenouil
DuitsFenchel
Spaansfoeniculum vulgare, hinojo
Italiaansfinocchio
Portugeesfuncho
RussischФенхель обыкновенный
Chinees小茴香
Japansフェンネル
Koreaans회향
Arabischشمرة شائعة
Turksrezene
Poolsfenkuł włoski
Zweedsfänkål
Deensalmindelig fennikel, fennikel