Vriezen

/ˈvrizə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. onpr, meteorologie (onpr) (meteorologie) het heersen van een temperatuur waarbij water kristalliseert tot ijs
    Het heeft vannacht flink gevroren.

Etymologie

* In de betekenis van ‘het heersen van vorst’ voor het eerst aangetroffen in 1240

Vertalingen

Engelsfreeze
Fransgeler
Spaanshelar