Zinken

/ˈzɪŋkə(n)/

Wat is de betekenis van Zinken?

Zinken betekent: (erga) in een vloeistof, meestal water, traag naar beneden zakken

Betekenis

werkwoord
  1. erga (erga) in een vloeistof, meestal water, traag naar beneden zakken

Voorbeelden van "Zinken" in een zin

  • Het schip is nog niet gezonken, maar dat staat wel te gebeuren.
  • Ik deed de heup- en borstriem van mijn rugzak los voor het geval ik in het water zou vallen en dan door het gewicht van mijn rugzak zou zinken.
  • Gedurende het dappere maar zinloze verzet brachten ze drie Duitse kruisers en meerdere torpedojagers tot zinken, vooral in het noorden leden de Duitsers zware verliezen.

Betekenis en uitleg van Zinken

Zinken betekent dat iets of iemand onder water gaat of naar beneden valt, vaak omdat het zwaarder is dan het water. Het kan zowel letterlijk, zoals een schip dat zinkt, als figuurlijk worden gebruikt, bijvoorbeeld wanneer iemand emotioneel 'zinkt' in verdriet.

Het woord 'zinken' komt vaak voor in situaties waar iets niet meer drijft of niet meer aan de oppervlakte blijft, zoals bij een boot in een storm. Het kan ook gebruikt worden in bredere, metaforische zin, zoals wanneer iemand in een moeilijke periode verkeert. De nuance kan variëren van een letterlijk verlies tot een emotionele of mentale neergang.

Voorbeelden

  • Het schip begon te zinken nadat het een zware klap had gekregen van de golf.
  • Na het slechte nieuws voelde hij zich alsof hij aan het zinken was in een zee van verdriet.
  • De ouderwetse technieken van de bouw veroorzaakten dat de fundering begon te zinken.

Woordoorsprong

Het woord 'zinken' is waarschijnlijk afgeleid van het Germaanse 'sinkwōną', wat verwijst naar het dalen of ondergaan.

Veelgestelde vragen over Zinken

Wat is de betekenis van Zinken?

Zinken betekent: (erga) in een vloeistof, meestal water, traag naar beneden zakken

Hoe gebruik je Zinken in een zin?

Voorbeeld: “Het schip is nog niet gezonken, maar dat staat wel te gebeuren.

Etymologie

*Afgeleid van zink

Vertalingen

Engelssink
Franscouler, sombrer
Duitssinken
Spaanshundir
Italiaansaffondare
Portugeesafundar
Russischтонуть
Chinees沉下
Japans沈む
Koreaans가라앉다
Arabischغاص
Turksbatmak
Poolstopić
Zweedssjunka
Deenssynke