aanbel
ˈambɛl
Wat is de betekenis van aanbel?
aanbel betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van aanbellen
Betekenis
werkwoord
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van aanbellen
Voorbeelden van "aanbel" in een zin
- ... dat ik aanbel.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek