aanhangigmaking
vrouwelijk (de)/an'hɑŋəxmakɪŋ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het aanhangig maken
- (juridisch) (procesrecht) inroeping van de bevoegdheid van de rechter of rechtbank
Etymologie
* Samenstellende afleiding van aanhangig en de stam van maken
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek