aankoersen

/ˈaŋkursə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. inerg (inerg) naar een bepaalde bestemming varen
    Het schip moest op de haven aankoersen.
  2. inerg, figuurlijk (inerg) (figuurlijk) door het volgen van bepaalde stappen naar iets toe werken
    De investeerders zullen aankoersen op schaalvergroting.