aanlanden
/ˈanlɑndə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (erga) aan land gaanDe ontdekkingsreiziger landde aan op de kust van het onbekende land.
- (erga) terechtkomen, bij toeval gerakenWaar zijn we nou toch aangeland!
- (ov) aan land brengen
Vertalingen
Engelsland, end up
Fransatterrir
Duitsanlegen
Spaansabordar, arribar, llegar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek