aanroeren
/ˈanrurə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) aanraken, kort besprekenHij zal de kwestie aanroeren bij zijn ontmoeting volgende week.Ik weet dat ik een heikel punt aanroer, maar ik zeg het toch.
Vertalingen
Engelstouch
Spaanstocar, mencionar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek