aanwijzen

/ˈaɱwɛizə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) door wijzen tonen
    Kun je mij het plein even aanwijzen op de kaart?
  2. ov (ov) tonen
    De snelheidsmeter wijst de snelheid aan.
  3. ov (ov) aanstellen
    Opgezet door een man die zijn vrouw had verloren en het hotel waar zij hun vakantie doorbrachten als de schuldige aanwees.

Vertalingen

Engelsassign, indicate, point out
Spaansdesignar, señalar, apuntar
Italiaansdesignare
Poolswskazać