aanzuiging
vrouwelijk (de)/'anzœyɣɪŋ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het door het veroorzaken van een negatieve druk iets naar zich toe trekkenDe hele benedenverdieping stond vol rook, waarna de brandweer besloot het ventilatiesysteem in het pand uit te zetten en op onderzoek te gaan naar de haard. Snel bleek dat het om bladeren ging die in de brandende zon smeulden en voor rook zorgden. De aanzuiging van het ventilatiesysteem bleek de rook van de bladeren in het pand te hebben gepompt.
Etymologie
* van aanzuigen
Vertalingen
Engelssuction, aspiration
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek