aapje

/ˈapjə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. geschiedenis, verkeer (geschiedenis) (verkeer) huurrijtuig in Amsterdam

Etymologie

*[2] een verwijzing naar de gekleurde kostuums van de koetsiers, in de betekenis van ‘huurrijtuig’ voor het eerst aangetroffen in 1880

Vertalingen

Engelscab