aardgordel
mannelijk (de)/'artxɔrdəl/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (aardrijkskunde) luchtstreek, een van de vijf gebieden gelegen tussen een pool en poolcirkel, poolcirkel en keerkring of tussen de keerkringenDe aarde is verdeeld in twee koude, twee gematigde en een tropische aardgordel.
Etymologie
*Samenstelling van aard (aarde) en gordel
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek