accentueer

Wat is de betekenis van accentueer?

accentueer betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van accentueren

Betekenis

werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van accentueren
  2. gebiedende wijs van accentueren
  3. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van accentueren

Voorbeelden van "accentueer" in een zin

  • Ik accentueer.
  • Accentueer!
  • Accentueer je?