achterbeen

onzijdig (het)/ˈɑxtərˌben/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. anatomie (anatomie) een van de twee poten van een paard die het dichtst bij de staat en ver van de kop zitten (gebruikt door liefhebbers die bij paarden in plaats van 'kop' of 'poot' liever 'hoofd' en 'been' gebruiken)
  2. techniek (techniek) een poot aan de achterkant van een apparaat