achtertuin
mannelijk (de)/'ɑxtərtœyn/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een tuin aan de achterzijde van een huisZe zaten gezellig in hun achtertuintje.Ze vertelde me uitgebreid dat ze zo van het hiker season hield, wanneer er talloze mensen (‘…met die heerlijke zweetgeur’) in haar achtertuin verbleven.
Vertalingen
Engelsback garden
Spaansjardín trasero
Zweedsbakträdgård
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek