afgebladderd

/'ɑfxəblɑdərt/

Betekenis

werkwoord
  1. van verf dat deze van het geverfde voorwerp afvalt
    De verlepte eetzaal met afgebladderde verf en versleten tapijten getuigde van grootsheid in een andere tijd.
  2. oud al grotendeels vergaan
    Want ik was niet naar Grand Hotel Europa gekomen om de tijd weemoedig te laten verglijden te midden van afgebladderde luxe en krakende glorie in passieve afwachting van een of ander inzicht, dat mij op een gegeven moment zou toevallen als een bloemblad uit een vergeeld boeket. Dat inzicht wilde ik afdwingen en daarom moest ik aan het werk.

Etymologie

* , op te vatten als