afgelast

ˈɑfxəˌlɑst

Wat is de betekenis van afgelast?

afgelast betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afgelasten

Betekenis

werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afgelasten
  2. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afgelasten
  3. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afgelasten
  4. werkwoordsvorm in het nederlands, woorden met artikelreferenties, woorden met boekreferenties voltooid deelwoord van afgelasten
werkwoord
  1. werkwoordsvorm in het nederlands voltooid deelwoord van aflasten
werkwoord
  1. werkwoordsvorm in het nederlands voltooid deelwoord van aflassen

Voorbeelden van "afgelast" in een zin

  • ... dat ik afgelast.
  • ... dat jij afgelast.
  • ... dat hij afgelast.
  • De organisatie heeft de wandeltocht vanwege de hitte afgelast.
  • De wedstrijd werd afgelast wegens slecht veld.