afgelopen

ˈɑfxəˌlopə(n)

Wat is de betekenis van afgelopen?

afgelopen betekent: beëindigd, wat voorbij is

Betekenis

bijvoeglijk naamwoord
  1. woorden met artikelreferenties beëindigd, wat voorbij is
werkwoord
  1. werkwoordsvorm in het nederlands voltooid deelwoord van aflopen

Voorbeelden van "afgelopen" in een zin

  • Afgelopen kun je alleen gebruiken tegen het einde van de desbetreffende periode.
  • "Nooit in de afgelopen decennia heeft een Amerikaanse president zo'n boze, vernietigende aanval gedaan op een buitenlandse leider die op bezoek was in het Witte Huis", schrijft Peter Baker.

Etymologie

*vervoeging van aflopen: voltooid deelwoord, op te vatten als samenstelling van af bw en gelopen ww