aflosser

mannelijk (de)/'ɑflɔsər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand die een taak van iemand anders overneemt
    ‘Ik heb tijdens mijn stage 36 uur zo goed als non-stop gewerkt op de spoeddienst. Ik heb maar 3 uur geslapen’, vertelt een anonieme student aan Veto. ‘Dat kwam doordat mijn aflosser door ziekte niet kon komen opdagen. de Standaard 16/12/2013 om 10:34 door Klaas Debacker [http://www.standaard.be/cnt/dmf20131216_00889699 Stagiairs geneeskunde draaien shifts van meer dan 24 uur ]
    In de namiddag zal de hinder voor de reizigers enkel nog toenemen. Çhauffeurs van trams en bussen moesten binnenrijden omdat er geen aflosser was of reden binnen om actie te gaan voeren', verklaart Peeters.de Standaard 28/11/2012 om 13:45 door kidr | Bron: Belga [http://www.standaard.be/cnt/dmf20121128_00384329 Staking De Lijn Antwerpen breidt uit ]
  2. iemand die (een deel van) zijn schuld betaalt, iemand die (een deel van) zijn schuld voldoet
    Wat Schenk ook dwarszit is dat de aflossers niet meer terug kunnen. „Je kan wel zeggen: ik neem weer wat vermogen op, maar die schuld is dan niet meer ontstaan door de aankoop van een eigen woning. De Telegraaf LEON BRANDSEMA 01 feb. 2018 [https://www.telegraaf.nl/nieuws/1613382/cbs-vooral-ouderen-dupe-aflosboete CBS: Vooral ouderen dupe aflosboete ]

Etymologie

* van aflossen

Vertalingen

Engelsrelief employee, relief clerk