Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
afluisterpraktijk
mannelijk/vrouwelijk (de)/ΛΙflΕystΙrprΙkΛtΙik/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- feitelijk gebruik van de mogelijkheden om stiekem te horen wat mensen tegen elkaar zeggen, vooral door het aftappen van telefoongesprekkenDe Commissie van toezicht betreffende de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (CTIVD) heeft weliswaar een toezichthoudende functie, maar heeft geen rechtstreekse bemoeienis met de afluisterpraktijk.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek