afsnellen

Betekenis

werkwoord
  1. met grote snelheid naderen
    Habibou bediende Chevalier die moederziel op Lahaye mocht afsnellen, maar de Franse spits schoot op de vuisten van de bezoekende doelman.
    Michael Krohn-Dehli leek alleen op de Portugese keeper te kunnen afsnellen, maar werd foutief gestopt door Raul Meireles.