aftikken

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. stoppen met muziekspelen
    We zien hem aftikken om een violist een loopje te laten overdoen. En weer. En opnieuw, tot hij precies de nuance krijgt die hij de violist voorneuriet. De slagwerkster geeft haar eerste klap met de bekkens. Stop! „Miss, you are too early.”
  2. betalen
    Wel even 122 mille aftikken, maar de veertigduizend euro goedkopere S70 komt met 320 pk ook best vooruit. (Bas van der Putten NRC 2 april 2016 )
  3. iemand aanraken (=tikken) in het kinderspel tikkertje
  4. de as van een sigaar of sigaret tikken