afvlakken

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. langzamer gaan van veranderingen verminderen zodat een grafische voorstelling van de verandering horizontaler wordt
    In Ierland wordt een prijsstijging voorspeld van gemiddeld 7 procent, terwijl de Duitse huizenprijzen met 6 procent zullen stijgen. Dat komt onder meer door aanhoudend economisch herstel, toenemende werkgelegenheid en gunstige hypotheekrentes. De slechtste huizenmarkt bevindt zich in Italië, waar S&P geen groei van de prijzen voorspelt. De groei in Nederland zal wel wat gaan afvlakken, aldus S&P, door bijvoorbeeld een hogere inflatie. In 2018 zullen de Nederlandse huizenprijzen volgens de kredietbeoordelaar daardoor gemiddeld met zo’n 3 procent toenemen. (ANP) NRC 15 februari 2017
  2. iets wat bol of oneffen is vlak maken
    Toen de drie met de kunstvoorwerpen uit de monoliet kwamen, werden ze begroet door de aanblik van een afvlakkende Aarde.
  3. grote schommelingen dempen
  4. minder vitaal en levendig worden
    Het is een leugen die je jezelf hebt verteld waarmee je datgene afvlakt wat pijn doet.

Vertalingen

Engelsfattening