alleenheerser

mannelijk (de)/ɑ'lenhersər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand die met onbeperkte oppermacht regeert
    De alleenheerser werd gehaat door zijn volk.
    Vance wordt gezien als degene die logica achter Trumps impulsieve buitenlandbeleid heeft weten te formuleren. Daarin zijn alleen Amerikaanse belangen relevant, is voor rechtvaardigheid geen plek, hoeven democratieën niet verdedigd te worden en is het beste zaken te doen met alleenheersers[https://www.nrc.nl/nieuws/2025/03/02/vances-provocatie-van-zelensky-is-uniek-was-deze-ook-strategisch-a4884945 www.nrc.nl (2 mrt 2025)]
    'En als er nu een alleenheerser de baas is over de staat en aan de burgers voorschrijft wat zij moeten doen, is dat dan ook een wet?' Ook dat wat een alleenheerser schriftelijk vastlegt, wordt een wet genoemd.

Vertalingen

DuitsAlleinherrscher
Spaansautócrata