allergie

vrouwelijk (de)/ˌɑlɛrˈɣi/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. medisch (medisch) een ziek makende reactie van het immuunsysteem op lichaamsvreemde stoffen (allergenen).
    Hij heeft een ernstige allergie voor pinda's.

Etymologie

* Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘overgevoeligheid voor bepaalde stoffen’ voor het eerst aangetroffen in 1910

Vertalingen

Engelsallergy
Fransallergie
DuitsAllergie
Spaansalergia
Portugeesalergia
Poolsalergia, uczulenie