Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

ambtsoverdracht

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈɑmtsovərˌdrɑxt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. plechtigheid waarbij een opvolger de functie van zijn voorganger overneemt
    Oktober 1989, vlak voor haar ambtsoverdracht aan Maij-Weggen, tekende minister Smit-Kroes een design & build-aannemingscontract met BMK.