ambtstermijn
mannelijk (de)/'ɑmptstɛrmɛɪn/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de tijdspanne waarvoor iemand een bepaalde functie mag uitoefenen en het aantal keren dat iemand zo'n tijdsspanne mag uitoefenen
Vertalingen
Engelsterm of office
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek