ambulanceverpleegkundige

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˌɑmbyˈlɑ̃səvərplexˌkʏndəɣə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand die voor een patiënt zorgt tijdens het ziekenvervoer
    Ík opende mijn mond om te antwoorden, toen de buitendeur opensloeg en twee ambulanceverpleegkundigen naar binnen liepen, direct door de trap af, naar Jocelyn.
    In de serie 'In de frontlinie' publiceren we dagelijks de ervaringen van zorgmedewerkers die we de komende tijd volgen. De tekst komt tot stand na een interview met een NOS-redacteur. Vandaag ambulanceverpleegkundige Hanna Bonnes.