amenorroe
vrouwelijk (de)/amenɔ'rø/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (medisch) de afwezigheid van ten minste 3 menstruele perioden in de vruchtbare leeftijd
Etymologie
*afgeleid van menorroe
Vertalingen
Spaansamenorrea
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek