Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

amerikaanse boomkruiper

mannelijk (de)/plaatshouder taxonomie/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. zangvogels (zangvogels) een zangvogel uit de familie (echte boomkruipers). Het verenkleed is bruin met lichte onderdelen. Hij heeft een dunne, omlaaggebogen snavel en een stijve staart. De lichaamslengte bedraagt 13 tot 14 cm

Etymologie

*(coll)